Vlaamse Wonderjaren

Dit speelt nu bij Vlaamse Wonderjaren:

Benny Scott (1940)

De Brugse zanger Benny Scott wordt vandaag 86. Benny was al jaren met behoorlijk succes actief als Engelstalige rock-‘n-rollzanger, toen hij in 1981, bij wijze van grap, het liedje ‘‘k En Brugge In m’n Herte‘ opnam, als een b-kantje.

Het werd het begin van een tweede carrière met (vele) succesvolle Brugse dialectliedjes, waarbij de hoesjes meestal werden getekend door cartoonist Nesten. Benny is al sinds 2005 gestopt met optredens, maar bij zijn jubilea in 2010 en 2015 (zijn 70ste en 75ste verjaardag) stond hij toch weer voor volle zalen te spelen.

Bij Vlaamse Wonderjaren hoor je 14 liedjes van Benny Scott:

  • Clementientje – 1983
  • De chef van de stoatie – 1986
  • Iddewartje – 1984
  • Ik zie je geeren – 1987
  • In da héél kléén kaffeetje – 1983
  • In den oeden tied – 1988
  • ‘k en Brugge in m’n herte – 1981
  • ‘k En soldoat gewist – 1989
  • ‘k eten geeren – 1987
  • ‘k zien ziek – 1984
  • Kom in m’n oarms, cherie – 1988
  • Me vliegen d’r in – 1985
  • M’n angeliekstje – 1987
  • Waddis me da – 1985

Je zou ook interesse kunnen hebben in...

« Ik denk dat ik overleefde omdat ik mijn optredens altijd goed verzorgde. Ik wilde mijn geld waard zijn. Ik was als de dood dat mensen zouden zeggen: Tura is zijn geld niet meer waard. Ik was me al heel vlug bewust van het belang van mijn optredens. Begin jaren zeventig trok ik een heel jaar elke zaterdag naar Parijs om daar zangles te volgen bij een operazanger. Dat is toch het minste wat je van een zanger mag verwachten: dat hij niet vals zingt, dat zijn toonzetting juist is. Okay, dat is misschien een talent, maar toch moet je nog in de leer. In Parijs leerde ik zingen vanuit de buik. Ik bedoel: de adem in de buik trekken. Ik wist niet dat dat kon. Ik heb het daar, in Parijs, moeten leren. Ik zong er geen Tura-liedjes, klanken moest ik zingen. Oe's en A' en O's. En toonladders. Ja, gelijk de kinderen in de muziekles dat moeten doen: wat de piano voorspeelt, nazingen. »Will Tura
Het Nieuwsblad - 24 oktober 1998